De stille kracht!

De weekbrief begint met een beetje opscheppen. Vergeef mij dat. Ik bracht van de week mijn dochter Maaike naar haar studentenwoning in Eindhoven. Gewoon omdat ik dat zo gezellig vind. Even “quality time” tussen dochter en vader. En gezien ons beide passie voor volleybal en Scylla gaat een groot deel van het gesprek dan over volleybal. Dit seizoen was zij binnen haar vereniging in Eindhoven van het eerste team teruggeplaatst naar het tweede. Dat vond zij enorm jammer. Zij had het in het eerste reuze naar haar zin. En nu moest ze naar een team met vrijwel allemaal nieuwe speelsters en dan ook nog eens twee klassen lager. Zij moest wel even slikken. Maar zij liet haar teleurstelling niet blijken. Geen gezeur en gemekker! Ik vind dat zó goed. In de eerste periode van dit seizoen bleek het helemaal niet zo lekker te gaan in het tweede. Veel eigenzinnige karaktertjes die ook nog eens elkaar tegenpolen bleken te zijn. De sfeer was verre van goed. Maaike heeft ervoor gezorgd dat het team toch een eenheid werd. Zij organiseerde talloze gesprekken tussen de tegenpolen zodat zij begrip voor elkaar konden krijgen en dat zij toch met zijn allen als een team zouden werken. Maar zij is niet het type dat de eer wil opeisen of anderszins zo nodig moet opvallen. Zij volleybalt navenant; degelijk maar zonder opvallende franje en maakt andere speelsters beter in het veld, die ze vervolgens, zonder moeite, de eer gunt.

En haar oude team, het eerste, mist haar. Daar zijn nu misschien betere spelverdeelsters gekomen, maar met minder bindende vermogens, zo schat ik in. Dus daar loopt het nu stroef en is de sfeer én daarmee de prestaties toch wel wat minder geworden.

MIJN DOCHTER DUS!

Maar nu het waarom van deze opschepperij. Ik ben altijd geïntrigeerd naar de rollen die spelers in een team vervullen. Noem het mijn beroepsdeformatie! Dat is overigens niet anders dan situaties in elke ander willekeurige organisatie waar mensen in samenwerken, zoals bedrijven, bestuur, etc. Hoe creëer je het beste team? Je hebt natuurlijk sterren nodig. Spelers die de bal op de grond binnen de drie kunnen jenzen en spelers met briljante pass technieken met spectaculaire reddingen. Zonder deze spelers is geen teamprestatie mogelijk. Maar spelers die als cement voor de verbinding tussen de individuen zorgen, zijn evenzo belangrijk. Zonder binding van individuele spelers, kan er geen team ontstaan. En dan is er ook geen goede prestatie mogelijk.

Welke eigenschappen moet zo’n verbindende speler nu eigenlijk hebben: empathie, niet een te groot ego, anderen succes en eer gunnen, vriendelijk, sociaal, stabiel, begripvol en kunnen luisteren. Spelers dus die hun eigen belang ondergeschikt weten te maken aan die van het team en de vereniging!

Dit soort spelers vallen niet erg op, maar zijn goud waard voor team en vereniging!

Bij Scylla lopen diverse van dit mensen rond als speler, vrijwilliger en/of bestuurder.

En dit soort mensen zijn goud waard! Zij zijn “De kracht van Scylla!”

Hans Konig